Uitgebreid zoeken

Aantal vluchtelingen en asielzoekers sinds 1950

Wanneer we over vluchtelingen spreken, moeten we allereerst een onderscheid maken tussen uitgenodigde vluchtelingen en asielzoekers.

Uitgenodigde vluchtelingen vluchtten vanuit hun land van herkomst naar een omliggend land, waar zij vaak verbleven in vluchtelingenkampen. De Nederlandse regering besloot om het leed in die landen iets te verzachten en stond enkele groepen toe zich als vluchteling in Nederland te vestigen. Nog altijd nodigt Nederland jaarlijks zo’n 500 vluchtelingen uit voor hervestiging. Zij hoeven voordat ze naar Nederland overkomen niet eerst een asielverzoek in te dienen. Tussen 2008 en 2016 werden voornamelijk vluchtelingen uit Pakistan (140), Congo (230), Eritrea (480) en Syrië (1010) door de Nederlandse regering uitgenodigd. In de tabel 1 zijn de belangrijkste groepen tot 1989 weergegeven.

Figuur 1. Uitgenodigde vluchtelingen

 

 

 

 

 


Bij asielzoekers gaat het om mensen die uit eigen beweging een goed heenkomen zoeken. Tot aan 1980 schommelde het aantal asielzoekers rond de 500 per jaar. Daarna nam dit aantal toe en zien we grote fluctuaties, zoals onderstaande grafiek laat zien. Deze worden vooral bepaald door burgeroorlogen en revoluties elders op de wereld. Enerzijds gaat het om een toename van mensenrechtenschendingen, zoals in Sri Lanka, Somalië en in het Iran van Khomeini, anderzijds werd Europa beter bereikbaar. De pieken in de jaren negentig zijn te verklaren door de burgeroorlog in Joegoslavië en de conflicten in het Midden-Oosten en (Noord-)Afrika. Niet iedereen die om asiel vraagt, mag in Nederland blijven, maar we weten weinig over de slagingskans voor asielzoekers door de tijd heen. Er bestaan wel cijfers over de succeskans in eerste aanleg, welke overigens per nationaliteit sterk verschillen, maar lang niet iedereen die een afwijzende beschikking krijgt vertrekt ook daadwerkelijk. Na een periode van illegaal verblijf kan een afgewezen asielzoeker op andere gronden, zoals huwelijk of werk, alsnog een vergunning krijgen.

Tussen 2002 en 2013 is de instroom van het aantal asielzoekers relatief stabiel, met jaarlijks tussen 10.000 – 17.000 aanvragen. Vanaf 2013 is er een sterke toename te zien. De sterke stijging vanaf 2013 wordt veroorzaakt door de komst van tienduizenden vluchtelingen met name uit Syrië en Eritrea en in mindere mate uit Afghanistan, Iran en Irak. 2015 vormde met bijna 57.000 asielzoekers een piekjaar, maar het gemiddelde over de periode 2013-2017 is nog niet zo hoog als in de periode 1994-2000.

De herkomst van asielzoekers verandert voortdurend. Hoewel een aantal landen continu in de top vijf opduikt, zoals Iran en Somalië, komen andere landen slechts incidenteel voor. De uittocht uit Servië & Montenegro en Bosnië Herzegovina was (tot op heden) een eenmalige gebeurtenis.

Figuur 2. Asielverzoeken 1991-2017

Asielzoekers in Nederland 1980-2009Asielzoekers in Nederland 1980-2009

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Figuur 3. Top vijf herkomstlanden (tussen haakjes aantallen)

Bronnen: 

www.statline.cbs (aantallen asielzoekers tussen 1975 en 2017)

C. K. Berghuis, C. K., Geheel ontdaan van onbaatzuchtigheid: het Nederlandse toelatingsbeleid voor vluchtelingen en displaced persons van 1945 tot 1956 (Amsterdam 1999) 94 en 181.

D. Bronkhorst, Een tijd van komen. De geschiedenis van vluchtelingen in Nederland (Amsterdam 1990) 147-150.

J. W. ten Doesschate, Asielbeleid en Belangen. Het Nederlandse toelatingsbeleid ten aanzien van vluchtelingen in Nederland in de jaren 1968-1982 (Nijmegen 1993) 206-207.

J. Lucassen en L. Lucassen, Winnaars en verliezers. Een nuchtere balans van vijfhonderd jaar immigratie (Amsterdam, 2011)

 

L. Lucassen, ‘Peeling an onion: the “refugee crisis” from a historical perspective’, in: ETHNIC AND RACIAL STUDIES, 2017, 1-28

Trefwoorden:

MondriaanstichtingVSB-fondsSNS ReaalPrins Bernard CultuurfondsOC&WVROM